Alle nuttige informatie over het toelatingsexamen 2014 vind je hier.

Wanneer?

Ieder jaar vinden er twee examenmomenten plaats. Het eerstvolgende examenmoment valt op dinsdag 26 augustus 2014.

Let op! Je bent niet definitief ingeschreven tot je het inschrijvingsgeld hebt betaald. De uiterste datum waarop je kan betalen is 26 mei. Het inschrijvingsgeld bedraagt dit jaar €34.

Waar?

Het toelatingsexamen vindt plaats in Brussels Expo.

Adres: Belgiëplein 1, 1020 Brussel.

Wat mag je verwachten?

Vergeet zeker niet je uitnodiging en je identiteitskaart mee te nemen! Zonder deze documenten mag je niet beginnen aan het examen.

Vanaf 9.30 uur heb je toegang tot de examenruimte. Het examen start om 10.00 uur. Het eerste gedeelte duurt tot 13.00 uur en test je ‘Kennis en Inzicht in de Wetenschappen’. Dit onderdeel bestaat uit vragen over biologie, chemie, fysica en wiskunde. Je mag geen rekenmachine gebruiken.

Van 13.00 uur tot 14.10 uur is er middagpauze. Je moet zelf voor je lunch zorgen en je mag tijdens de pauze Brussels Expo niet verlaten.

Van 14.30 uur tot 17.00 uur vindt het tweede gedeelte plaats, ‘Informatie Verwerven en Verwerken’. Hierbij worden vooral je sociale vaardigheden getest. Er zijn 2 verschillende onderdelen: de communicatieproef en de stilleestekstproef. Van 14u30 tot 15u10 heb je de tijd om het werkboek Communicatie in te vullen. Om 15u15 begint de stilleestekstproef. Tot 16u15 mag je werken in het eerste werkboekje dat teksten en vragen bevat. Tussen 16u20 en 17u00 moet je het volgende boekje invullen, waarin vragen staan over de teksten die je daarvoor hebt gelezen. Voor je aan ieder nieuw deel begint, geef je het vorige werkboekje af en ontvang je een nieuw.

Hoe worden de vragen gesteld?

De vragen op het examen zijn allemaal meerkeuzevragen. De antwoorden dien je in te vullen op een apart examenblad.

Hoe word je beoordeeld?

Het examen staat op 40 punten. Beide onderdelen, ‘Kennis en Inzicht in de Wetenschappen’ (KIW) en ‘Informatie Verwerven en Verwerken’ (IVV), bestaan uit 20 punten.

KIW bestaat uit telkens 10 vragen over biologie, fysica, chemie en wiskunde. Elk onderdeel bestaat uit 5 punten. Je hoeft niet voor elk onderwerp geslaagd te zijn, zolang je maar slaagt voor KIW in het geheel.

IVV bestaat uit 30 vragen voor de communicatieproef, op 6 punten, en 2 maal dertig vragen voor de stilleestekstproeven, allebei op 7 punten. Ook bij IVV hoef je niet voor de apart onderdelen geslaagd te zijn, enkel het geheel.

Tijdens de beoordeling van je antwoorden wordt een giscorrectie toegepast. Voor ieder correct antwoord krijg je 1 punt, voor ieder fout antwoord wordt 1/3 punt afgetrokken. Als je niks invult, gebeurt er niks.

Om te slagen voor het examen, moet je minstens een 10 op 20 halen op zowel KIW als IVV, en minstens 22 op 40 op het geheel.

Kunnen antwoordstrategieën mij helpen?

Het gebruiken van antwoordstrategieën wordt vaak ontmoedigd. Gokken is namelijk niet de beste manier om te slagen voor je examen. Toch kan het handig zijn om de wijze van beoordeling in je achterhoofd te houden.

KIW bestaat bijvoorbeeld uit 40 vragen. Om op dit onderdeel een 10 op 20 te halen en dus te slagen, moet je minstens 20 vragen juist beantwoorden. Maar als je er maar 20 juist hebt en enkele fout, zul je door de giscorrectie toch nog buizen. Gokken doe je dus best op een slimme manier.

Als je er bijvoorbeeld zeker van bent dat je 21 antwoorden juist hebt, heb je genoeg foutenmarge om het antwoord op 3 vragen te gokken. Als ze alledrie fout zijn wordt er 3 maal 1/3 punt afgetrokken, en heb je nog steeds 20 punten. Gok je er meer, dan kan het zijn dat je buist. Gok je er minder, dan verlies je de kans om meer punten te halen.

Wat bij dit systeem belangrijk is, is dat je zeker weet hoeveel juiste antwoorden je al hebt. Zodra je dat weet, kun je uittellen hoeveel antwoorden je nog mag gokken in een poging om meer punten te verdienen.

  • 21 juist: je kan er nog 3 gokken zonder te buizen
  • 22 juist: je kan er nog 6 gokken
  • 23 juist: je kan er nog 9 gokken
  • 24 juist: je kan er nog 12 gokken
  • 25 juist: je kan er nog 15 gokken (in dit geval zijn alle vragen beantwoord)

Natuurlijk moet je wel voor jezelf uitmaken of gokken wel een goede keuze is. Stel dat je zeker weet dat 24 antwoorden juist zijn, heeft het dan wel nog zin om te gokken? Je zal in dat geval een 12 op 20 behalen, wat genoeg is om te slagen op het hele examen indien je ook op IVV slaagt. Als je er te veel fout gokt behaal je misschien maar een 11, en moet je op IVV ook minstens een 11 halen. Vergeet dus vooral niet dat je op het gehele examen niet 20, maar 22 moet halen om te slagen.

Wanneer weet je of je geslaagd bent?

De eerste dinsdag na het examen kan je vanaf 14 uur je resultaat op de website terugvinden. Een paar dagen daarna ontvang je een e-mail met het officiële resultaat.

Indien je je examen wil gaan inzien, kan dat na het tweede examenmoment, tussen 8 en 14 september 2014. Je moet dit wel eerst aanvragen.

Geslaagd, wat nu?

Proficiat! Je kan je nu inschrijven voor de opleiding geneeskunde aan een universiteit van jouw keuze. De e-mail die je hebt ontvangen dient als een officieel bewijsstuk om aan te tonen dat je geslaagd bent voor de toelatingsproef.

Niet geslaagd, wat nu?

Je kan je kans wagen tijdens het tweede examenmoment, dat plaatsvindt op dinsdag 26 augustus 2014.

Als je na de twee examenmomenten nog altijd niet geslaagd bent, kun je overwegen om je in te schrijven voor het eerste jaar biomedische wetenschappen. Deze keuze wordt vaak gemaakt omdat je van deze richting redelijk gemakkelijk kunt overstappen naar het tweede jaar geneeskunde, door de vrijstellingen die je krijgt. Welke vrijstellingen je krijgt en hoeveel, hangt af van de universiteit waar je aan studeert, dus goed informeren vooraf is de boodschap. Vergeet echter niet dat je niet zomaar op geneeskunde mag overschakelen, naast de vakken van het jaar biomedische wetenschappen moet je ook in dit geval nog steeds slagen voor het toelatingsexamen!